Saba is niet maar een gewoon Caribisch eiland: er zijn geen zandstranden ( nou ja, af en toe en dat hangt af van het feit of er stormen in de buurt zijn die het zand meenemen), geen casino’s, geen havens, alleen een klein vliegveldje met een landingsbaan van 400 m. waar de STOL (short take off and landing) vliegtuigjes landen. Maar dat is maar maar weinig dat je moet opgeven om in het paradijs te zijn, want er zijn vele voordelen die de nadelen goedmaken, zoals de properheid van het eiland en de veiligheid, de vlekkeloos onderhouden rood-wit-en-groene Sabaanse huisjes, de prachtige tuinen, de oude landbouwgrondjes, de uitbundige flora en vooral de bevolking van Saba, die nieuwsgierig, gastvrij, uitnodigend en onderhoudend is. Hoewel Saba zich ontwikkeld als iedere andere plek op de aardbol, is de ontwikkeling bescheiden en langzaam en daardoor is het unieke karakter van het eiland niet aangetast. Vandaar dat Saba nog steeds trots de naam “Unspoiled Queen” draagt.